woensdag 12 juli 2017

Dure grap!

Mijn man Wim kreeg eind mei een maagbloeding. Hij werd in eerste instantie door ambulancepersoneel en ziekenhuis geweldig goed geholpen en ook voor mij werd goed gezorgd. Niets dan lof. Hij kon na enkele dagen, opgepept met enkele zakken bloed en met een flinke dosis medicijnen ter bescherming van de maagwand, weer naar huis.
Afgelopen maandag gingen we terug voor controle.... dacht ik. Het tweede bezoek deze week leverde me ook nog een deuk in de auto op omdat ik de afstand tot de betonnen paal in de parkeergarage verkeerd inschatte. Dure grap....

Uw gegevens 
We meldden ons maandag op de afdeling maag, darm, leverziekten. Als eerste kreeg Wim bij de receptie een formulier onder de neus gedrukt om te tekenen voor toestemming om gegevens op te vragen van andere ziekenhuizen waar hij was geweest als dat nodig mocht zijn. Wim wimpelde dit meteen af als onzin, hij komt nooit in een ander ziekenhuis dan het UMC-Utrecht. Ik moest denken aan de ambulancebroeders die vroegen in welk ziekenhuis Wim bekend was. "Oh, dan gaan we meteen daarheen, dan hebben ze daar in ieder geval de gegevens."

De wachtkamer was heerlijk licht en ruim. De gesprekken van medewachtenden waren goed te verstaan. Twee mannen hadden een gesprek over verbetering van de akoestiek. Een meisje kwam drie keer vragen naar meneer X, maar meneer X was er niet. Ondertussen was het voor ons al 20 minuten later dan de afgesproken tijd. De meneer van de akoestiek en ik werden er wat lacherig van.
Uiteindelijk kwam de alleraardigste arts ons halen. "Ja, we zouden kijken of we de afsluiting van de slokdarm eventueel operatief zouden kunnen verhelpen zodat u in ieder geval uw speeksel weer zou kunnen doorslikken", begon hij.  Wim had mij hier ook al iets over gezegd, maar ik vond dat raar gezien het eerdere onderzoek na het hersenstaminfarct naar zijn slikfunctie en slokdarmperistaltiek. Hij kan niet slikken en de slokdarmperistaltiek is de verkeerde kant op.
Ik sprak mijn verbazing uit over het plan voor een operatie en legde uit waarom. Hier wist de arts niets van en hij was het volledig met me eens. Zo'n operatie zou in dit geval zinloos zijn, zelfs niet wenselijk.
"Maar zei ik, ik heb nog wel andere vragen over de medicatie na de maagbloeding." Daar was de arts niet op voorbereid. "Oh, maar het is sowieso zinvol om na zes weken na de bloeding nog een endoscopie te doen om te controleren of de wond geheeld is." "Kan dat dan nu meteen?", vroeg ik terwijl ik eigenlijk het antwoord al wel wist. "Nee, daar moet een aparte afspraak voor worden gemaakt, dat zal ik nu in gang zetten." Ik had met de beste man te doen en zei tegen Wim: "Volgens mij ben jij heel onzorgvuldig ontslagen na je maagbloeding." We wisten nu in ieder geval dat de medicijnen ter bescherming van de maagwand moesten worden doorgebruikt, maar dan wel in een 12 maal lagere dosering dan tot nog toe was voorgeschreven. Dat was winst.

Nee, die gegevens hebben we niet hier
In de auto op weg naar huis werden we gebeld door een assistente voor het maken van een afspraak voor de endoscopie. Ze vertelde dat ze daarvoor nog wat gegevens nodig had in verband met het roesje en of Wim dat nu kon geven. Mij kwam het roesje al merkwaardig voor, maar ik hield mijn mond. Ze vroeg naar telefoonnummers, of er hartfalen of hoge bloeddruk in de familie voorkomt. Ik onderbrak de vragen. "Sorry, maar hij is zes weken geleden opgenomen geweest, heeft toen ook meerdere endoscopie-onderzoeken gehad, dan weet je dit toch allemaal al?" "Nee", antwoordde ze, "hij lag toen op de IC en wij gebruiken andere middelen, dus ik moet u dit allemaal vragen dat zijn de regels." Ze begreep dat het wat raar overkwam. Wim kreeg nog vele vragen te beantwoorden. Ik moest een lachbui bedwingen en Wim voelde zich als een brave kleuter.
Na afloop van het gesprek bood ze nogmaals haar excuses aan voor al die vragen, waarvan ze wist dat die ergens in het ziekenhuis al lang bekend waren. Gelukkig kon Wim meteen de volgende dag al komen.

Roesje? 
De volgende dag parkeerde ik de auto erg onhandig achteruit in de gehandicaptenparkeerplaats. Ik probeerde aan de kant waar Wim uitstapt zoveel mogelijk ruimte te hebben om er met een rolstoel naast te kunnen. Dat lukte wel, maar daardoor lette ik onvoldoende op de achterkant.... krrrrrrggg. Dikke kras, kleine deuk.
Deze keer werd Wim vijf minuten voor de tijd van afspraak al geroepen. Ik vroeg hoe lang ik zou moeten wachten. Dat zou toch minstens een uur zijn, in verband met het wakker worden van het roesje. Ze zou me bellen.
Ik besloot in het ziekenhuiscafe een cappuccino te nemen en hield er al rekening mee dat het helemaal geen roesje zou worden en het veel sneller zou gaan. Ik zit nog maar net aan de koffie en mijn telefoon gaat al. "Ja, u zult wel verbaasd zijn, maar we zijn al bijna klaar. Dat roesje was gezien zijn situatie helemaal niet nodig en zelfs niet wenselijk." Ik zei dat ik zoiets al gedacht had. "Ja u hebt helemaal gelijk", zei de verpleegkundige.
Ze overhandigde me een briefje waarin keurig stond wat er was gevonden, wat er moest met medicatie en dat we over twee weken werden terug verwacht om de algehele medicatie te bespreken.

Wim vertelde enthousiast dat hij had kunnen meekijken en wat hij allemaal had gezien. "Er zit inderdaad nog een heel klein zweertje en je kunt littekenweefsel zien."

Op weg naar huis gaan we langs de schadehersteller voor de deuk en kras in de auto. Kosten 250,- zonder btw. Dure grap dat ziekenhuisgedoe.








Geen opmerkingen:

Een reactie posten